Zoals ik eerder heb geschreven in mijn blog, is "eerst werken, dan genieten" voor mij de meest logische en optimale volgorde, en dat werkt prima. Met werken bedoel ik niet per se fysiek werk of de baan waar je je brood mee verdient. Werken kan ook studeren zijn, oefenen op je gitaar of de tuin water geven. Met andere woorden: voor mij is werken alles wat moet gebeuren.
Je brein is een erg geavanceerd systeem, dat weten we inmiddels. Dat gaat zelfs zo ver dat de volgorde van wat we doen je brein en je energie beïnvloedt — en “eerst doen wat moet, dan pas ontspannen” werkt simpelweg beter voor hoe we mentaal functioneren.
Als je eerst op de bank gaat zitten terwijl je weet dat je nog moet schoonmaken, blijft dat in je hoofd hangen. Dat komt doordat onafgemaakte taken mentaal blijven “openstaan”. Het gevolg: je ontspant maar voor de helft, met een stemmetje dat steeds zegt: “Ik moet eigenlijk nog…”.
Op de bank zitten (met je telefoon of voor de tv) zet je brein in een lage-energiestand. Daarna weer opstaan om te gaan schoonmaken voelt veel zwaarder dan wanneer je meteen was begonnen.
Als je direct begint, kom je in actie. Taken gaan vaak sneller dan verwacht en je motivatie groeit tijdens het doen. Wachten maakt de klus in je hoofd alleen maar groter.
Je brein houdt van een duidelijke beloning na een inspanning. Eerst schoonmaken en daarna bewust “bankzitten” zorgt voor echte ontspanning zonder schuldgevoel.
Een opgeruimde ruimte geeft rust. Dat helpt je zenuwstelsel letterlijk om te ontspannen omdat er minder visuele prikkels zijn.
Kort gezegd: Eerst gaan zitten brengt uitstelgedrag en onrust. Eerst doen wat moet, zorgt daarna voor echte rust.
Dat geldt natuurlijk niet als je echt uitgeput bent. Kort rusten kan dan juist slim zijn — maar doe dat dan bewust en met een timer. Jij bepaalt of die rusttijd 10 of 20 minuten mag duren. Maar blijf er niet langer in hangen dan je met jezelf hebt afgesproken, anders kom je niet meer in beweging.